background image
Handreiking voor de ontwikkeling, implementatie en verankering van palliatieve zorg in grote organisaties, juni 2013
25
Stap 3: Analyseer de doelgroep en de setting

Voordat het veranderingsproces kan starten, is het noodzakelijk om goede kennis te hebben van de
(behoeften van de) doelgroep die haar werkwijze moet veranderen. Palliatieve zorg is multidimensionele
zorg, met aandacht voor fysieke, psychosociale en spirituele problematiek. Dit betekent dat in stap
3 een analyse moet worden gemaakt van de doelgroep die moet veranderen en van de setting
waarbinnen dat moet gebeuren. Welke cultuur heerst er binnen de organisatie? Is de organisatie gericht
op `genezen' (cure) of `verzorgen' (care)? Welke factoren kunnen het realiseren van de verandering
bevorderen of belemmeren? Het is hierbij noodzakelijk om inzicht te hebben in de behoeften, beleving
en zorgen van de professionals, de vrijwilligers, de stafmedewerkers en de managers die het uiteindelijk
`moeten gaan doen'. Het is verstandig om deze doelgroepen vanaf het begin te betrekken bij het
ontwikkel- en implementatieproces. Voor de invoering van een programma palliatieve zorg is draagvlak
op verschillende niveaus binnen de organisatie essentieel. Omdat palliatieve zorg `van niemand is',
moet je zorgen dat je meerdere personen `eigenaar' maakt. Daarom is het goed te kijken naar de
bereidheid en motivatie tot verandering binnen verschillende segmenten van de doelgroep, zodat de
feedback vanuit de nulmeting en de daarin aangetroffen casuÔstiek op maat aangepast kunnen worden.

Aandachtspunten bij het creŽren en onderhouden van draagvlak voor een programma
palliatieve zorg

∑ Bespreek als project- of stuurgroep de visie op palliatieve zorg in alle geledingen van de organisatie,
zoals met de raad van toezicht, de raad van bestuur, de managers, de staf, professionals, de
vrijwilligers en met de cliŽntenraad. Bespreek ook onderliggende waarden, doelen en belangen.
∑ Presenteer de door de raad van bestuur geaccordeerde kernwaarden palliatieve zorg van de
organisatie.
∑ Maak duidelijk dat samenwerking centraal staat en zie elkaar niet als concurrenten; zie er een
uitdaging in elkaar te laten groeien en voorkom de schijn van arrogantie of zelfingenomenheid.
∑ Kijk ook naar de keten en partners buiten de eigen organisatie binnen het netwerk palliatieve zorg.
Ken elkaars sterkten en zwakten.
∑ Onderzoek de belangen van verschillende partijen, zoals het management, het bestuur, artsen,
verpleegkundigen en verzorgenden en van andere professionals. (Kijk naar de financiŽle gevolgen,
bijvoorbeeld voor de DBC/DOT-systematiek)
∑ Zorg voor een instructie bij de registratie van de DOT palliatieve zorg. Stel vast welke specialismen
in de organisatie de DOT mogen registreren.
∑ Stel vast op welke wijze een programma palliatieve zorg kan bijdragen aan het realiseren van de
doelstellingen van de organisatie en/of inhoud kan geven aan de missie en visie van de organisatie.